01 -
Snijd de wortel in blokjes van ongeveer 5 mm en de bleekselderij in dunne plakjes. Was de prei grondig en snijd in dunne halve ringen. Verdeel de bloemkool in roosjes van ongeveer 2 cm.
02 -
Meng het gehakt kort met de nootmuskaat, zwarte peper en 1/4 theelepel zout tot het samenhangt. Rol met licht vochtige handen ongeveer 24 balletjes van 2-2,5 cm. Bewaar afgedekt in de koelkast tot gebruik. Was je handen en reinig gebruikte materialen na contact met rauw gehakt.
03 -
Breng de runderbouillon in een soeppan aan de kook. Voeg wortel en bleekselderij toe. Zet het vuur lager en laat 5 minuten zachtjes koken.
04 -
Laat de balletjes voorzichtig in de bouillon zakken en voeg prei en bloemkool toe. Laat de soep weer zachtjes koken en gaar ongeveer 10 minuten. Schep eventueel schuim weg. Controleer met een dunne voedselthermometer of enkele van de grootste balletjes in het midden minstens 71 °C bereiken. Laat zo nodig langer garen voordat je verdergaat.
05 -
Voeg de vermicelli toe en roer voorzichtig los. Laat volgens de verpakking garen, meestal 3-5 minuten. De sliertjes moeten gaar zijn en de groenten zacht met nog een lichte beet.
06 -
Roer de fijngehakte peterselie door de soep. Proef en voeg alleen indien nodig maximaal 1/4 theelepel extra zout toe. Verdeel over zes kommen, met ongeveer vier balletjes per kom.