01 -
Meng de bloem met de instantgist en kristalsuiker in een ruime kom. Voeg de handwarme melk en het zout toe. Meng tot alle bloem is opgenomen.
02 -
Kneed het deeg 5 minuten met de hand of met een mixer met deeghaak op lage stand. Voeg de zachte boter in kleine stukjes toe en kneed nog 8-10 minuten tot het deeg soepel en licht kleverig is. Een klein stukje moet dun uit te trekken zijn voordat het scheurt.
03 -
Vorm een bal en leg hem terug in de kom. Dek af en laat op een tochtvrije plek ongeveer 60 minuten rijzen tot het deeg bijna verdubbeld is. Laat het langer staan als de keuken koel is.
04 -
Druk de grootste luchtbellen voorzichtig uit het deeg. Verdeel in tien gelijke stukken van ongeveer 71 g. Maak korte rolletjes en laat afgedekt 10 minuten rusten.
05 -
Meng de basterdsuiker met de kaneel en verdeel over een schoon werkblad of een ruime schaal. Rol elk deegstuk door het mengsel tot een gelijkmatige streng van ongeveer 35 cm. Krul losjes op tot een spiraal en stop het uiteinde eronder. Leg op een met bakpapier beklede bakplaat van ongeveer 30 bij 40 cm met 4 cm tussenruimte. Verdeel overgebleven kaneelsuiker over de spiralen.
06 -
Dek de bolussen losjes af en laat ongeveer 45 minuten rijzen tot ze zichtbaar luchtiger zijn. Een lichte indruk aan de zijkant moet langzaam terugveren. Verwarm ondertussen de oven voor op 220 °C boven- en onderwarmte of 200 °C hetelucht.
07 -
Bak midden in de oven 12-15 minuten. Controleer vanaf 12 minuten. De suiker moet borrelen en het deeg tussen de windingen moet gaar en stevig zijn. Laat indien nodig iets langer bakken zonder de suiker zwart te laten worden. Laat 3 minuten op de bakplaat staan. Keer de bolussen met een brede spatel en ovenwanten voorzichtig om op schoon bakpapier. Laat afkoelen voordat je de suikerlaag aanraakt.