01 -
Meng de kristalsuiker met de kaneel in een klein schaaltje en zet apart.
02 -
Klop de eieren met de melk en het zout in een brede, ondiepe schaal tot er geen losse slierten eiwit meer zichtbaar zijn.
03 -
Verwarm een grote koekenpan ongeveer 2 minuten op middelhoog vuur. Smelt een derde van de boter. Laat de boter zacht bruisen zonder dat hij donker wordt.
04 -
Haal twee sneetjes brood door het eimengsel. Begin met ongeveer 5 seconden per kant. Dip zacht brood korter en geef stevig, droog brood zo nodig iets langer. Laat kort uitdruipen. Het brood moet vochtig zijn en heel blijven.
05 -
Leg de twee sneetjes naast elkaar in de pan en bak ongeveer 3 minuten per kant tot ze goudbruin zijn en het eimengsel in de kruim gaar is. Verlaag het vuur als ze te snel kleuren. Controleer bij twijfel met een dunne voedselthermometer vanaf de zijkant of de kern minstens 71 °C bereikt. Herhaal het dippen en bakken met de overige sneetjes. Gebruik per bakronde een derde van de boter.
06 -
Leg de warme wentelteefjes op borden en verdeel de kaneelsuiker erover. Serveer twee sneetjes per persoon, liefst direct na het bakken.