Pin it
Kaasstengels van bladerdeeg zijn een fijn borrelhapje als je iets warms wilt neerzetten zonder uitgebreid te koken. De buitenkant krijgt een gebakken kaaskorstje. Binnenin blijven de dunne deeglaagjes luchtig.
Met zes vierkante plakjes maak je 24 korte stengels. Belegen kaas geeft een duidelijke kaassmaak en een beetje paprikapoeder voegt warmte toe. Houd het deeg koud en geef de stengels ruimte op de bakplaat.
Kaas, bladerdeeg en een laagje ei
Kies roomboterbladerdeeg dat na het ontdooien nog koud aanvoelt. Rasp de belegen kaas fijn zodat je die gelijkmatig kunt verdelen.
- Roomboterbladerdeeg. Vormt de luchtige basis met krokante laagjes.
- Ei. Een dun laagje helpt de kaas aan het deeg te hechten.
- Belegen kaas. Geeft de stengels hun hartige smaak en gebakken korstje. Kies kaas met vegetarisch stremsel als je vegetarisch eet.
- Paprikapoeder. Geeft een zachte kruidige smaak zonder de kaas te overheersen.
- Zwarte peper. Voegt een klein beetje pit toe. Extra zout is bij deze hoeveelheid kaas niet nodig.
Kaasstengels van bladerdeeg bakken
- Verwarm de oven. Verwarm voor op 210 °C boven- en onderwarmte of 190 °C hetelucht. Bekleed een grote bakplaat met bakpapier.
- Maak de topping klaar. Klop het ei los in een kommetje. Meng de fijn geraspte kaas met het paprikapoeder en de peper.
- Beleg de plakjes. Verwijder de scheidingsvelletjes van het koude, ontdooide deeg. Bestrijk de bovenkant dun met ei en verdeel het kaasmengsel erover. Druk het licht aan.
- Snijd en draai. Snijd elk plakje van ongeveer 10 bij 10 cm in vier gelijke repen. Draai de uiteinden voorzichtig in tegengestelde richting tot een losse spiraal. Leg de 24 stengels met ongeveer 2 cm tussenruimte op de bakplaat.
- Bak goudbruin. Bak midden in de oven gedurende 15-20 minuten. De kaas moet goudbruin zijn en het deeg ook aan de onderkant gaar en lichtbruin. Volg afwijkende bakaanwijzingen op de deegverpakking.
- Laat uitdampen. Laat de stengels 2 minuten op de bakplaat liggen. Leg ze daarna op een rooster en laat nog ongeveer 3 minuten afkoelen voordat je ze serveert.
Koud deeg draait gemakkelijker
Een plakje moet soepel genoeg zijn om te draaien. Het hoort wel koel en stevig te blijven. Trek je aan nog bevroren deeg, dan kan het breken. Laat je het lang naast de warme oven liggen, dan wordt het lastig om nette repen op te tillen. Ontdooi daarom volgens de verpakking en bewaar de plakjes tot gebruik in de koelkast.
Bladerdeeg bestaat uit afwisselende laagjes deeg en vet. Illinois Extension adviseert koud ontdooien en weinig hanteren om de boterlaagjes koud te houden. Voor deze stengels hoef je het deeg niet uit te rollen.
Worden de repen tijdens het werken slap of plakkerig? Zet ze ongeveer 10 minuten terug in de koelkast. Maak daarna een losse draai met je vingertoppen. Een strakke kurkentrekker is nergens voor nodig. Korte stengels met een bescheiden draai zijn gemakkelijker te vormen en op te pakken.
Een dunne kaaslaag bakt gelijkmatiger
Verdeel de 100 gram kaas over alle zes plakjes voordat je begint te snijden. Zo krijgt het laatste plakje evenveel als het eerste. De laag mag dun zijn en hoeft het deeg niet volledig te verbergen. Een dikke berg kaas valt tijdens het draaien gemakkelijk van de repen en belandt dan los op de bakplaat.
Rasp de kaas fijn en druk hem met je vlakke hand zacht tegen het bestreken deeg. Je hoeft de plakjes niet plat te persen. Het ei dient vooral als hechtlaag. Gebruik daarom alleen genoeg om de bovenkant licht te bevochtigen. Er zal waarschijnlijk wat losgeklopt ei overblijven.
Belegen kaas past goed bij de milde smaak van bladerdeeg. Oude kaas geeft een krachtiger resultaat. Jongere kaas kun je ook gebruiken als je een zachter smakend hapje wilt. Houd dezelfde hoeveelheid aan. Voor een kruidige variatie kun je het paprikapoeder vervangen door een kwart theelepel gemalen komijn. Laat natte toppings achterwege bij deze dunne stengels.
Kijk ook naar de onderkant
Een bruine kaasbovenkant vertelt niet alles over het deeg eronder. Til tegen het einde van de baktijd één stengel voorzichtig op met een spatel. De onderkant hoort lichtbruin te zijn. De zijkanten moeten zichtbare, droge deeglaagjes hebben. Is de onderkant nog bleek en zacht? Geef de stengels enkele minuten extra en houd de kaas goed in de gaten.
Verdeel de repen over één ruime bakplaat. Ze mogen elkaar niet raken. Past dat niet, bak dan in twee rondes en houd de tweede portie koud. De totale oventijd wordt daardoor langer. Zet een nieuwe portie op een afgekoelde bakplaat.
Proef geen rauwe deegrestjes of losgeklopt ei. De FDA-richtlijn voor rauw meel en deeg adviseert deeg volledig te bakken en de aanwijzingen op de verpakking te volgen. Was ook je handen, het kwastje en het werkblad na contact met rauw deeg en ei. Gebruik voor het serveren een schone schaal.
Vooruit bakken en weer krokant maken
Versgebakken zijn de kaasstengels het knapperigst. Wil je ze eerder maken? Laat ze op een rooster afkoelen en zet ze binnen twee uur in een afgesloten bak in de koelkast. Bewaar ze bij 4 °C en eet ze binnen twee dagen op. Dit sluit aan bij het bewaaradvies voor bereid eten van het Voedingscentrum.
Leg gekoelde stengels voor het opwarmen los op een bakplaat. Verwarm ze ongeveer 6-8 minuten op 180 °C boven- en onderwarmte of 160 °C hetelucht. Controleer of ze ook binnenin goed heet zijn en verleng de tijd zo nodig. Laat ze daarna kort op een rooster liggen. Warm alleen op wat je wilt serveren.
Bij een borrel zijn drie korte stengels per persoon een handige uitgangsmaat als er ook andere hapjes zijn. Serveer ze op een ondiepe schaal zodat je ze gemakkelijk kunt pakken. Naast tomatensoep passen ze ook goed. Houd eventuele dips in een apart kommetje, zodat het bladerdeeg droog blijft tot je een hap neemt.
Veelgestelde vragen
- Welke kaas gebruik je voor kaasstengels van bladerdeeg?
Belegen Goudse kaas geeft een duidelijke kaassmaak en is gemakkelijk fijn te raspen. Oude kaas kan ook voor een krachtiger resultaat. Gebruik in beide gevallen 100 gram voor zes plakjes bladerdeeg.
- Kan ik een verse rol bladerdeeg gebruiken?
Ja. Gebruik ongeveer 270 gram en snijd het deeg in 24 vergelijkbare korte repen. Een rol kan andere afmetingen of een andere dikte hebben, dus controleer de bakaanwijzingen op de verpakking en kijk naar de gaarheid van de onderkant.
- Moet ik de kaasstengels draaien?
Nee, je kunt de belegde repen ook recht bakken. Een losse draai geeft de stengels hun spiraalvorm. Trek het deeg daarbij niet uit en laat voldoende ruimte op de bakplaat.
- Waarom blijven mijn kaasstengels zacht?
Controleer of de onderkant voldoende gebakken is. Een bruine kaaslaag kan samengaan met nog bleek deeg eronder. Laat de stengels na het bakken op een rooster uitdampen en sluit ze niet warm op in een bak.
- Hoe lang kan ik gebakken kaasstengels bewaren?
Laat ze afkoelen en zet ze binnen twee uur afgedekt in de koelkast bij 4 °C. Eet ze binnen twee dagen op. Verwarm ze eenmaal opnieuw in de oven tot ze door en door heet zijn.
- Zijn deze kaasstengels vegetarisch?
Ja, als je de genoemde kaas met vegetarisch stremsel gebruikt. Controleer dit op de verpakking. Het recept bevat wel melk, tarwe en ei en is daardoor niet veganistisch of glutenvrij.